13. DE AANSCHAF VAN AGAPORNIDEN

Het spreekt vanzelf dat we met het aanschaffen van de vogels wachten tot het verblijf geheel is ingericht. Als we voor het eerst agaporniden gaan houden, doen we er goed aan met de goedkoopste en sterkste soorten te beginnen, waarmee tevens gemakkelijk kan worden gefokt. Als eerste komen dan de A. roseicollis en de A. fischeri in aanmerking. Beide soorten worden in grote aantallen gefokt en zijn niet duur. Indien we nog wat meer variatie wensen, kunnen we de keuze op de A. personatus laten vallen.

Hoewel ze niet zo sterk zijn als de beide eerstgenoemde soorten, broeden ze goed en ze zijn eveneens vrij goedkoop. Een probleem is dat van geen van de genoemde soorten de geslachten herkenbaar zijn. Maak daarom bij aankoop altijd de afspraak dat eventueel geruild mag worden.

Beginnende liefhebbers die zich tot de kleurkweek aangetrokken voelen, raad ik aan zich in het begin tot twee kleurslagen te beperken. Begin bijvoorbeeld met de lichtgroene en zeegroene A. roseicollis eventueel in combinatie met de donkerfactoren, en laat het fokken van moeilijke combinatievormen liever aan de meer ervaren kleurfokkers over. Later, als u wat meer over de kleurvererving en de vederstructuur weet, kunt u het gerust eens proberen. Ongetwijfeld zult u dan meer succes hebben.

Wanneer men iets in de vogelliefhebberij wil bereiken, is alleen het allerbeste fokmateriaal goed genoeg. Dit betekent dat we kerngezonde vogels moeten kopen die uitmunten in vorm, grootte en kleur. Vooral het formaat van een vogel is erg belangrijk. Tracht daarom vogels te krijgen die qua grootte boven de middelmaat uitsteken, zonder dat ze daarbij vormfouten vertonen.

Een ervaren liefhebber zal er weinig moeite mee hebben te zien of een vogel gezond is. De leek doet er hierbij goed aan volgens de hierna te beschrijven aanwijzingen te werk te gaan of, beter nog, zich door iemand met kennis van zaken te laten bijstaan.

De eerste indruk van de gezondheidstoestand van een vogel krijgen we al als we hem van enige afstand bekijken. Een gezonde vogel zit strak in de veren en is actief. Als de eerste indrukken positief zijn, bekijken we hem van dichtbij door hem ruggelings in de hand te nemen. Hierbij moet de vogel stevig aanvoelen, het borstbeen mag beslist niet scherp uitsteken. De ogen moeten rond en glanzend zijn, de neusgaten open en vooral droog. Tenslotte controleren we of de bevedering rond de cloaca (aarsopening) droog en schoon is.

Het gunstigste tijdstip voor aankopen is de herfst. De meeste fokkers ruimen dan het overtollige bestand op en er is volop keus. Koop wel uitsluitend jonge vogels. De reden is dat in de herfst ook de oude vogels die tijdens het broedseizoen niet hebben voldaan opgeruimd worden, zodat men het risico loopt in het bezit te komen van waardeloze fokvogels. Helaas hebben sommige 'liefhebbers' op dit gebied een ruim geweten.

Een goede raad: koop nooit een vogel die u om de een of andere reden niet aanstaat. Veel vogels van de 'witte-oogringgroep' zijn niet raszuiver. Het is een rechtstreeks gevolg van de manie van een groot aantal fokkers om mutaties die bij de ene vogelsoort optreden via bastaardering in andere soorten over te overbrengen. Bij de F1- en F2-bastaarden en soms ook bij F3-bastaarden van dergelijke vogels is de soortonzuiverheid wel vast te stellen, zeker door de kenner, maar daarna wordt het toch moeilijker. Koop in twijfelgevallen liever niet, het bespaart u een hoop narigheid als naderhand zou blijken dat uw vogels niet raszuiver zijn.

Koop ook geen vogels bij mensen, die u aan de hand van hun fokadministratie geen informatie willen of kunnen geven over de afstamming van de vogels. Fokvogels kopen houdt in met zorg een keus doen aangepast aan uw wensen en rekening houdend met de kwaliteit. Weeg dit kritisch af tegen de vraagprijs. Het is begrijpelijk dat voor zeer goede vogels wat meer moet worden betaald; dit wil echter niet zeggen dat dure vogels ook altijd goede vogels zijn. Over het algemeen wordt door beginnende liefhebbers een veel te hoge prijs betaald, wat echt niet nodig is.

Als we wat meer ervaring hebben, kunnen we aan het houden en fokken van de overige agapornidensoorten gaan denken. Van de A. nigrigenis, de A. lilianae, de A. canus en de A. taranta worden regelmatig in gevangenschap gefokte nakomelingen aangeboden, zij het steeds mondjesmaat. Moeilijker wordt het als we in gevangenschap gefokte vogels zoeken van de A. pullarius, want dan wordt het echt zoeken omdat er vrijwel niet mee gefokt wordt.

Om het gevaar voor verlies van pas aangekochte vogels zoveel mogelijk te beperken, moeten we bij de verkoper - ik noemde het punt al eerder - veel aandacht schenken aan de lichamelijke conditie van de vogels. Betrek hierbij ook de overige vogels die we niet willen kopen. Zitten er in een grote vlucht vogels die niet in orde zijn, zie dan liever van de koop af. Het gevaar is groot dat de gezond lijkende vogels ook besmet zijn. Vergeet niet te informeren waarmee ze gevoed worden en let goed op hoe de vogels gehuisvest zijn en bij welke temperatuur. Doe de aangekochte vogels bij thuiskomst in een ruime kistkooi die op een rustig plekje staat en waar een temperatuur heerst die overeenkomt met die waarin ze bij de verkoper verbleven. Drinkflessen en voederautomaten zijn voor veel vogels onbekende voorwerpen. Het gevaar dat ze ondanks een goed gevulde zaadautomaat verhongeren is niet gering. Verstrek daarom het water en voer in platte schalen en zet die op de bodem van de kooi. Het overschakelen op ander voedsel moet zeer geleidelijk geschieden. Vooral met het verstrekken van groenvoer dienen we in het begin zeer matig te zijn. Observeer de vogels regelmatig zonder ze te storen, maar neem direct maatregelen als daartoe aanleiding is. Pas als we er zeker van zijn dat de nieuwelingen volkomen gezond en geacclimatiseerd zijn in hun nieuwe omgeving, kunnen ze naar het definitieve verblijf.